Doorgaan naar hoofdcontent

“Het is een dialoog” is ‘n mythe

In het kader van het door mezelf beschikbaar gestelde tijd voor een willekeurige reflectie, volgt hier een willekeurige reflectie.

Zegt de ene goeroe tegen de andere: “door social media is communicatie tussen merken en consumenten een échte dialoog geworden”. Dialoog. Een zinvol begrip dat in sommige opzichten klinkklare nonsens lijkt. Want feit is dat binnen eerdergenoemd kader het helemaal geen dialoog is. Het kan geen dialoog zijn. Een echte dialoog vereist twee (of meer) partijen die deelnemen aan een discussie in beide richtingen. Zenden, ontvangen, terugzenden, ontvangen, je snapt ‘m. Het zou mooi zijn als bedrijven met hun klanten op hetzelfde niveau konden praten, maar dat is ongelofelijk onpraktisch.

Organisaties die ineens de dialoog willen aangaan roepen in collectieve paniek: “vroeger lieten we consumenten spullen kopen die ze niet nodig hadden, maar dat kunnen we nu niet meer doen want dan zeggen ze gemene dingen over ons op Facebook. We weten nu wel beter.”
Natuurlijk is dit je reinste flauwekul. Adverteerders hebben de conversatie nooit beheerst, net zo min als dat ze nu ineens met je willen praten. Onder de streep is het zoals het altijd was: adverteerders willen gewoon dat je hun spullen koopt en mensen geven geen bal om bedrijven. Deal with it.

Zelfs de duizenden medewerkers binnen een organisatie kunnen geen persoonlijke gesprekken onderhouden met miljoenen mensen (want dat is uiteindelijk exact wat je je erbij moet voorstellen als je spreekt over dialogen). Bovendien zijn echte dialogen best nasty. Bijvoorbeeld in het geval dat je aan je vriend moet mededelen dat hij zich als een ongelofelijke klootzak gedraagt. Ik moet het eerste merk nog tegenkomen die dat aan een klant durft te zeggen. Totdat dit moment komt zijn we ver verwijderd van een echte dialoog.

Fotocredits: flickr.com

Reacties

Populaire posts van deze blog

Ik ben een amateur

Of mag ik dat soms niet zeggen? Maar, zijn we dat in zekere zin niet allemaal? In het Frans betekent amateur oorspronkelijk ‘liefhebber van’. Iemand die zich fanatiek verbindt aan een streven. Een studie, een prestatie, een ambacht.             Wist je dat tot 1970 alleen maar – onbetaalde – amateurs mochten deelnemen aan de Olympische Spelen? Tot de dag van vandaag is dat nog steeds het geval voor de onderdelen Boksen en Worstelen. Het gebrek aan financieel gewin werd namelijk ooit beschouwd als een voordeel. Een amateur zou meer toegewijd zijn. Gemotiveerd. Bezield. In veel opzichten ben ik liever een fervent amateur dan een pro. Ik doe mijn werk in de geest van een levenlang leren, bedenken en toepassen. Veroordeeld én toegewijd aan risico’s nemen, een buikgevoel volgen, uitproberen, fouten maken, experimenteren en ja – ook blunderen. In dit normontwijkend proces doe ik nieuwe ontdekkingen. Ik ben een amateur. Je leert sneller van mislukking dan van perfectie en iede

De doelgroep, wat moeten we er toch mee?

Het lijkt een voor de hand liggend onderwerp, maar soms wordt het maar al te gemakkelijk genegeerd. Als ik je zou vragen wie jouw afnemer is en je antwoordt iets van “iedereen met een hartslag”, lees dan gerust even verder. Het is een begrijpelijke vorm van kortetermijndenken. Maar met die ene vogel in de hand kan je wel eens bedrogen uit komen. Als bedrijf doe je er goed aan om – in ieder geval tot op zekere hoogte – je klanten uit te kiezen. Het wagenwijd openzetten van je deuren is niet bepaald de manier om de niche op te zoeken waar jij zo enthousiast van wordt. Ook al zou je product of dienst iedereen op aarde kunnen helpen, dan heb ik nieuws voor je: niet iedereen gaat het kopen. Raar? Nee hoor, want ik verwacht dat hele volksstammen het geen biet interesseert wat jij te bieden hebt. Of ze hebben er het geld niet voor (over). Om er maar even een Sinekiaans gegeven tegenaan te gooien: waarom zit je eigenlijk in deze business? En wie hoop je ermee te helpen? Waarom

De pitch: een veertig jaar oud proces voor bureauselectie

In klantenland is een pitch uitschrijven om met communicatiebureaus in aanraking te komen een antieke maar gekoesterde traditie. Een hardnekkig verschijnsel dat in de afgelopen vier decennia nauwelijks met de tijd is meegegaan. Voor veel merken en organisaties is deze uren verslindende krachtmeting blijkbaar nog steeds de enige manier om bureaus te shortlisten voor een prestigieus project of het (al dan niet hele) account. We houden best van een wedstrijdje, maar helaas wordt bij de opzet van het pitchproces nog te vaak op kortetermijnresultaten gestuurd. Of nog gekker: er wordt helemaal nérgens op gestuurd. Briefings of hun schrijvers zijn vaak van een bedenkelijk niveau en maar zelden wordt stilgestaan bij wat men nou precies van een klant-bureaurelatie verwacht. Gratis Pitches zijn er in allerlei soorten en maten. Pitches zonder vergoeding zijn eerder regel dan uitzondering. Daarnaast heb je pitches met wel tien deelnemers, schijnpitches, pitches met meerduidige briefings,